Cafés & Winkels.

Café Het Wapen van Kats.

Rond 1950 komt Jewan Blok, getrouwd met Lena Meulenberg, de dochter van Dingeman, in Het Wapen van Kats. Zij beginnen ook met het verkopen van friet – in 1960 sluit het Wapen van Kats en vertrekken Jewan en Lena naar Restauratie Veerhaven Kats.


Bron: NoordBevelandDronk
Bron: Beeldbank Zeeland Zeeuwse Bibliotheek, Beeldbank Zeeuws Archief

Herbergen en cafés in Kats.

Het Wapen van Kats stond in de Voorstraat. Daar had Johan Blok z’n zaak. Piet Blok, zijn neef, weet nog dat hij daar voor het eerst naar de televisie keek. In zwart wit zag hij het WK 1954 waar Ferenc Puskas toen zo uitblonk voor de Hongaren. ( maar die ‘verrekte’ Duitsers wonnen natuurlijk net weer). Blok heeft nog een zaakje gehad boven op de dijk tegenover de aanlegplaats van de boot naar Zierikzee. Hij had altijd heerlijke frites, herinner ik me.
Dingeman Meulenberg zat voor Blok in het Wapen van Kats. Daarvoor respectievelijk: Johan Christiaan Blok, Marinus Blok en Cornelis van der Maas. Jan Kole was de herbergier, die de herberg de naam het Wapen van Kats gaf ( in 1865).

‘de Weerelt’.
Daarnaast was er heel vroeger herberg ‘de Weerelt’. Jan Gijsebrechts was de eigenaar en daarvoor respectievelijk: Loenken Ketelaers en Daniel de Later. Hij stond waar veel later bakker De Graag en van de Berge op die plek hun bakkerij en winkel hadden.
Deze herberg stond op een punt waar alle reizigers langs kwamen. Hier was ook het ‘gevangenkot’. Een klein huisje met stevig sluitwerk achter de herberg voor gestraften.
Aan de Voorstraat, aan de overkant, was ook ooit een kleine herberg de Swaene waar Jacomine Swantken het bier uitschonk. Deze stond dus waar later vrachtrijder Korteknie woonde.
Verder nog een herberg zonder naam, waarvan Jan Boer de eigenaar was. Die stond ook aan de noordzijde van de Voorstraat ongeveer waar later Marius Priester en Joos Schrier woonden.

De Morijn.
Een grote herberg was die van Daniel de Later, De Morijn. Hij stond in het midden van de Voorstraat, waar meester Markusse en z’n gezin ooit woonden. Die werd op enig moment overgenomen door Lenaert Versporte. Toen die overleed zette zijn vrouw de zaak voort, in het gezelschap van haar tweede man Jacob Zoutte. Oudste dochter Lijsbert Versporte neemt tenslotte de zaak over.
De Morijn had het beste bier en wijn schonk de waard daar ook.

Adriaan Biersteker uit Colijnsplaat.
Het bier (men dronk bier omdat water onbetrouwbaar was), dat toen geschonken werd kwam ofwel van Adriaan Biersteker uit Colijnsplaat ofwel van Anthonis van der Buerse, die beiden een brouwerij hadden. Het was niet zulk best bier. De Morijn haalde en schonk beter bier van een bierbrouwer uit Goes.
Daniel de Later haalde of smokkelde zijn bier soms wel uit Antwerpen en Delft.
Het Delfts bier was het beste van die tijd in de Nederlanden. Dit bier werd via Brouwershaven verhandeld.
Overheden waren toen ook al vindingrijk in het verzinnen van accijnzen en kaaigelden op bier en wijn. Het leidde tot smokkel, belastingontduiking en andere overtredingen van biervaarders, bierstekers, herbergiers en wijnhandelaren.
In de herberg van Daniel de Later vergaderde het college van schout en schepenen. Het zal wel zo geweest dat in ruil voor het bier en de wijn, het college vaak een oogje dicht deed, wanneer smokkel door de Later vermoed werd. Er werd stevig gedronken tijdens en na die vergaderingen. Dat blijkt uit het handschrift van de secretaris dat na een lange zitting bijna niet meer te lezen is!
Herbergier de Later komt er niet altijd mee weg, want iemand heeft hem aangegeven. En zo ontdekt men twee gesmokkelde vaten bier begraven onder turf op het erf van z’n herberg.

Maar genoeg over heel vroegere tijden.
Bij Markusse kon je in onze jeugd frites kopen en ook nog bij Blok via de Kerkstraat achterom .Nu zag ik dat op een bepaalde dag er een friteskraam staat bij de Vriendschap.
In de jaren vijftig kon je op dansles in het “Wapen van Kats”. Opgeven bij Joh. Blok ( tel. 01109 – 225) en doorgang bij voldoende deelname. Er waren ook dansavonden in dit café o.a. The Merry Boys speelden dan. Jan Kesteloo, Pau Platschorre, Nees (Cornelis)Korsuize, Anton de Fouw en Arjaan Burgel speelden met hun band zowel in het Wapen als in de Vriendschap.

Ook café de Vriendschap.
Van Jannis Versprille bestond al rond begin 1900 aan toen heette de Dijkstraat nog de Dijkweg. Willem Priester was eerst de cafébaas. In 1929 kwam de familie Versprille in dit café tot omstreeks 1975.
Jannis was een bizonder iemand. Cafébaas, schilder, scheidsrechter enz. en hij maakte of brouwde allerlei smeerseltjes zonder te zeggen wat het was, maar het hielp volgens hem tegen van alles.

Dit las ik nog ergens.
Over Versprille. Het is een advertentie, een reclame voor zijn zaak, een aanbeveling zijn zaak te bezoeken.

Afgeluisterd.
Bram: Wel, Jacob, gaan wij met Pinksteren weer door N.-Beveland fietsen?
Jacob: Zeker Bram, maar dan ook naar Kats.
Bram: Maar waarom Jacob?
Jacob: Wel, Bram, je weet toch dat in café “de Vriendschap”betaal je voor een flesje Bier 15 cent.
Bram: Nou Jacob, is dat bij Versprille?
Jacob: Zeker Bram, die gaat met zijn tijd mee.
Bram: Nu Jacob, bij de andere caféhouders betaal je nog steeds 20 cent en ook de Limonade is daar
15 cent. En het biljarten is 10 cent de 50 caramboles of per half uur.
Jacob: Nu, Bram, afgesproken en naar Kats naar café “de Vriendschap”bij Versprille.

Zegt het ook tegen je vrienden en je kennissen.

Aanbevelend,
Kats J. Versprille

J(ew)an de Jonge.


Smederij Kats.

Als je over de smederij van Kats schrijft, denk je aan twee namen Kees Overbeeke en Jan Kesteloo.
Kees was met Marie Post getrouwd, die had een klein winkeltje naast de smederij. Jan Kesteloo was getrouwd met Marie Verhulst.
Beide mannen runden de smidse. Daar was het altijd lekker warm, het vuur om te smeden brandde of smeulde altijd. Je hoorde buiten al het geluid van hamers die het gloeide metaal in de juiste vorm of stand klopten.
Als je in de zomer bij kapper Korteknie zat met de vliegendeur in het deurgat rook je de geur dat bij het beslaan van paarden hoorde.

In de travalje hebben ze jarenlang paarden bekapt en nieuwe hoefijzers aan gemeten. Ook talloze ploegscharren, maaibalken e,d. geslepen. Vonkenregens kon je dan zien en een hard snerpend geluid horen. Ook verkochten ze rond 1950 kachels en landbouwwerktuigen.
Langzamerhand minderde het aantal trekpaarden en kwamen er trekkers voor in de plaats. En toen de mechanisatie in de landbouw doorzette, werd het werk in de smidse anders. Smid Kees reed dan vaak met zijn “snoek” ( Citroën DS) naar de boer toe. De reparatie of aanpassing van de landbouwwerktuigen gebeuren ter plekke, niet meer in de smidse. Ook kwamen er nu service monteurs van de fabriek naar de boer toe. De smid was niet meer nodig. Het werk steeds meer af.
In 1965 krijgen beide smeden een speldje, omdat ze 25 jaar lid zijn van de smeden -vereniging. Ook zaten ze jarenlang samen in het Oranje comité van Kats. Smeden daar een raar draaiende fiets voor.
Nadat de smederij was opgeheven werkte Kees Overbeeke bij Stryron B.V. en Jan Kesteloo bij de A.K.F. in Goes en bij Schelde Int. ook in Goes. Jan was ook een fervent voetballer en speelde slagwerk in een dansorkestje.
De vervallen travalje werd vervangen door een nieuwe gemaakt door Bram Dierkx en Kees Wesdorp in het ambachtencentrum te Goes. Fraai staat hij in de Voorstraat van Kats, waar eens boven de deuren van de smederij Stond: ELECTR. SMEDERIJ.

Jan de Jonge.


Winkels in Kats.

In mijn jeugd waren er behoorlijk veel winkels in het dorp. De middenstand was relatief groot voor zo’n relatief klein dorp. Ik zal in het kort beschrijven welke winkels en winkeltjes er waren.

In de Voorstraat.
Als je vertrok in de Voorstraat vanaf voor de kerk zag je aan je rechter hand direct op de hoek de kruidenierswinkel van Marien Fieman. Die, z’n vrouw Pietje stond meest in de winkel, verkocht o.a. snoep. Rolletjes drop, zuurtjes, kauwgum, bakkesvol ( zwart/witte zoetigheid) en nog veel meer snoepgoed en kruidenierswaren. Ook ijsjes kon je daar kopen.
Als verder wandelde voorbij de ingang van de kleuterschool en het huis van de meester kwam je bij de winkel van Willem Remeeus. Daar kon je stenen goed, speelgoed en snuisterijen kopen.
Daarna kwam je bij een winkel, die mudjevol was. Bij Arjaan Korteknie kon je voor van alles terecht. Hij was ook kapper/barbier en fietsenmaker. Voor zijn zaak stond op een gegeven moment een Esso pomp.
Doorlopend kwam je bij de slagerij van Marien Klaassen. Binnen was alles wit betegeld en stond er een grote koeling met twee deuren . En op de toonbank stond een snijmachine voor vleeswaren.
Aan het eind van die kant van de Voorstraat had je de bakkerij van bakker van de Berge. Marie Bouwense was het winkelmeisje. Ze verkochten daar ook ijs. De bakkers verkochten ook vaak middeltjes tegen verkoudheid, keelpijn en zo. Deze bakker bracht brood bij de boeren en buitenlui rond met z’n auto.
Als je terug liep door de Voorstraat naar de kerk had je rechts kleermakerij van Jaap Mullié. Chris Eikenhout was medewerker kleermaker. Je kon je een net pak laten maken , maar bijv. ook regenjassen kopen bij Mullié.
Dan volgde de smidse van Overbeeke en Kesteloo, waarnaast een kleine winkel was. Marie Overbeeke hielp je daar. Ze verkocht potten en pannen, schalen en schotels enz.

Smid Kees Overbeke.


De bakkerij van Huib Maas was de volgende winkel. Daar hielpen je vrouw Koos Maas en dochter Huig aan een zogenoemd achtje of een viertje. Bakker Maas deed de buitenronde op de motor met een grote mand achterop met brood e.d.
Dat was het winkelbestand in de Voorstraat.

In de Kerkstraat.
Jewannes Fieman op nummer 11 was olieboer en had ook een handeltje in sinaasappels, mandarijnen en bananen, maar geen echte winkel. De volgende echte winkel aan die kant van de Kerkstraat was een textielwinkel. Janna Adriaanse en Toon de Wild woonden daar. Later werd de winkel overgenomen door Janna en Piet van Gilst na het overlijden van Toon’s vrouw.
In de volgende winkel van Piet de Wild kon je allerlei elektrische apparaten kopen. Net als Arjaan Korteknie verkocht hij radio’s en t.v.’s . Hij was ook fietsenmaker. Benzinepomp van Orion stond voor z’n zaak. En wat bijzonder was, je kon daar je medicijnen halen voorgeschreven door de huisarts.
Op de hoek Kerkstraat Middelstraat was het winkeltje van “Koatje van Lydia”. Kaatje was getrouwd met Gerard Eikenhout. Daar liet men koffiebonen malen, want koffie in pakken was er nog niet. Er stond dan ook een mooie koperen koffiemolen met een slinger op de toonbank. In die straat was ook nog het snoepwinkeltje van Leetje van der Maas. Het was op de hoek met de Dijkstraat.

Het winkelbestand, zoals ik dat me herinner. Er waren nog wat plaatsen waar je bijvoorbeeld melk of klompen kon kopen, maar dat was gewoon aan de deur. De melkboer, die melk uitventte waren de gebroeders Kloote. Petroleum werd door Fieman en de Boo uitgevent. Patat kon je kopen bij Markusse voor de kerk in zijn friteskar, maar ook achterom bij Johan Blok. Eens in de twee weken kwam één van de broers Kastelein uit Geersdijk vooral fruit uitventen.
Toen de Zandkreekdam er lag kwamen er medewerkers van zaken uit Goes en omgeving. Visboer Marteijn uit Arnemuiden leurde vis uit. Medewerker de Jager van supermarkt De Gruyter kwam met boodschappen. Van modehuizen uit Goes bezocht men de mensen thuis. Dat deed ook modezaak Slabbekoorn uit Kortgene.
Nu, 60 jaar later, zijn al die winkels en winkeltjes verdwenen en is er in het dorpshuis de supermarkt Albert Kleijntje. En komt er regelmatig een snackwagen op het plein voor het dorpshuis. Boodschappen worden meerderdeel buiten het dorp gedaan.
Verder rijden er koeriersdiensten om online bestelde spullen af te leveren.

Jan de Jonge.


Slagerswinkel van de familie Klaassen.

In de Voorstraat, met Merien en Tine Klaassen voor de winkel, en waar aan de achterkant van het huis de slagerij was.
Merien is op zijn 21ste in 1936 gestart met zijn winkel zij zijn in de zomer van dat jaar getrouwd. In 1974 is de winkel gesloten.